van 4 oktober tot 22 november
Nijmeegs Volkenkundig Museum in samenwerking met Studium Generale KUN
aangeboden aan de Culturele Week 1996
Stan. Roncken
Een reeks voorwerpen uit verschillende culturen worden bij elkaar gebracht en geor-
dend. Het gaat hier om een niet wetenschappelijke opstelling: een verfijnd evenwicht
correspondeert met de aard van de objecten en geeft hen de pracht die ze verdienen
terug. De tweede opstelling van deze kunstenaar is een verzameling van "niet-authen-
tieke" objecten uit de collectie: ze werden vervaardigd niet op grond van de waarden
en de normen, de levenswijze en de behoeften van de bevolking, maar op vraag van
de buitenstaanders die een souvenir wilden. Is dit ook niet wat de bezoeker van de
tentoonstelling toekomt: iets tussen bedrogen (willen) worden en een kijken met een
blik bepaald door zijn eigen tijd en cultuur?
An Seebach
De kunstenaar brengt haar eigen verzameling - van op straat gevonden meest uiteen-
lopende, onbekende en raadselachtige objecten - in contact met de collectie van het
Nijmeegs Volkenkundig Museum. Het gaat om twee verzamelingen die aan de hand
van hun objecten, hun beelden, hun vormen een totaal verschillende taal spreken:
enerzijds die van het alledaagse met zijn priv‚-raadsels, anderzijds die van de weten-
schap met haar verklaringen. Op grond van optische overeenkomsten vindt in vitrines
en aan de muur een paarsgewijze ontmoeting plaats, waarbij ieder van de objecten
zijn taal lijkt te vertegenwoordigen, te verdedigen en te profileren ten opzichte van de
andere.
An Seebach
"zonder titel (Fußgänger warten oft nicht auf ihr Zebra), Nijmegen 1996"
In dit werk ontmoeten twee verzamelingen die heel verschillende talen spreken elkaar. Voorwerpen uit de privé-verzameling van de kunstenaar worden gecombineerd met voorwerpen uit de verzameling van het museum. Om zeer verschillende redenen werden zij tot protagonisten van hun verzamelingen. In de volkenkundige verzameling bestudeert men de identiteit van de objekten en wordt door middel van een uitgebreide documentatie de historische betekenis verduidelijkt.
In de verzameling van de kunstenaar gaat daarentegen om een poging de "privé raadsels van dagelijkse gebruiksvoorwerpen te behouden en de emotionele kracht van het eigenaardige en toch gebruikelijke te conserveren. De dialoog die de objecten van beide verzamelingen in de vitrines van het Nijmeegs Volkenkundig Museum aangaan, vraagt om een nieuwe manier van lezen.
In twee ouderwetse tafelvitrines worden de voorwerpen uit de beide verzamelingen gezamenlijk tentoongesteld. Op het eerste gezicht zijn uiterlijke overeenkomsten de aanleiding om paren te vormen. Op de achtergrond hangen twee wissellijsten. Dit paar geeft een voorbeeld van het soort werk, dat gaat over tentoonstellen zelf.
Gedetailleerde teksten zijn er in het Engels en in het Nederlands, maar alleen bij de
objecten uit het museum. Zo heeft de tentoonstellingsbezoeker de vrijheid om etnologi
sche beschrijvingen ook voor de "hedendaagse archeologische" vondsten te gebruiken.
Er ontstaat een dialoog die niet tot eenduidige verklaringen leidt, maar ook niet alleen
dichterlijk blijft.
De gelijkwaardige presentatie van de twee groepen voorwerpen stelt automatisch de
betekenis van wetenschappelijke reconstructies en geschiedkundig onderzoek ter
discussie. In beide verzamelingen gaat het om emoties. Voorwerpen bevatten zeer
persoonlijke verhalen. Het werk "zonder titel (Fußänger warten oft nicht auf ihr
Zebra), Nijmegen 1996" begint openlijk over die voorwerpen waarover geen algemeen
geldende en eenduidige waarheid geldt, te praten en maakt hun tweespaltigheid zicht-
baar.
Het werk probeert onbeantwoorde vragen en onopgeloste raadsels juist in samenhang
met geschiedkundige en wetenschappelijke werk in een museum waardevol te maken.
Dit werk zal ook nog op een andere plaats tentoongesteld worden. Na drie weken,
begin november gaat het op reis. In het museum blijft een documentatie achter, het
"ingevroren gebaar" van het gesprek tussen twee groepen voorwerpen, in de vorm van
zwart-wit foto's. Informatie en de foto's zullen te zien zijn op de "homepage" van het
museum.
De voorwerpen zelf reizen in koffers per trein, onder begeleiding van het noodzakelijke
veiligheidspersoneel, naar Dortmund. Deze reis wordt op video vastgelegd.
In Dortmund wordt dit werk in de tentoonstelling "nomads land - a cross-cultural
project" getoond. Een project over de nomadische levenswijze waarbij zowel histori-
sche als hedendaagse beelden worden gezocht.
Jan Meijering
Op een zandtapijt zijn een aantal voorwerpen uit de collectie herordend, met een klein
even westers als disproportioneel "accent". Zonder deze objecten te bewerken, worden
ze met alle respect als museumobject behandeld. Intussen is hun koele status van
..wetenschapsobject" - met hun nummer, classificering, ordening etc. - opgeheven ten
voordele van een opnieuw tot leven komen. Wordt hun oorspronkelijke context hen
hiermee niet terugbezorgd (wat ook niet de bedoeling is), ze stellen wel hun verleiding
en bedreiging, hun actuele imponering en gaafheid aan de orde.
Installatie van Jan Meijering
Gebruikte voorwerpen uit het depot zijn: Chinese doodskist voor volwassene uit
Kalimantan, inventarisnummer 6532, Chinese doodskist voor een kind uit Kalimantan,
inventarisnummer 6533, harnas van dierenhuid uit de Molukken, inventarisnummer
42007 en boomschorsgoed uit Keboea, Kalimantan, inventarisnummer 5517. Uit het
bezit van de kunstenaar: danseresje met spiegel uit Duitsland.
Carel Lanters
De kunstenaar liet zijn fascinatie uitgaan naar de ~boombastboekjes met geheime
tekens bestemd voor leerling-tovenaars. Hun geheimschrift is onleesbaar, onbegrijpe-
lijk, maar boeit daarom des te meer. Is een kunstenaar zelf geen leerling-tovenaar, die
laat zien wat iedereen kan zien maar zonder hem toch onopgemerkt zou blijven? Hier
worden geheimen uit de boekjes aan de wand openbaar gemaakt, zonder evenwel ook
maar iets te verraden. Tekens zijn er om te zien, daarom nog niet om te begrijpen.
Lee Eun Young
Aansluitend bij haar eigen kunstwerken, heeft de kunstenares als een gepassioneerd
verzamelaar het depot bezocht en er allerlei "juweeltjes" vergaard. Het gaat om het
samenbrengen van herinneringen en dromen, van verwachtingen en illusies. Deze
worden in een kistje opgeborgen: om ze zorgvuldig te bewaren en te koesteren, te
tonen en geheim te houden. Maar tegelijk met dit bijna sereen altaartje, is het onmoge-
lijk deze objecten van passie zomaar te ordenen of op te bergen: ze verstrenge~len zich
en puilen er gewoon uit.
Jacqueline Overberg
Met een damasten tafelkleed, waarop nog nadrukkelijk de sporen van uitgebreid
etentje zijn te zien, heeft de kunstenaar een bruidsjurk gemaakt.
Rituelen - rond eten
en huwen - en hun bijpassende objecten uit onze cultuur, worden in de opstelling
geconfronteerd met ceremoniële maskers gebruikt bij initiatierituelen en dodenceremo-
nies die ontleend zijn aan de collectie. Aldus vindt hier een ontmoeting tussen culturen
plaats, maar omdat de objecten bijna zo groot zijn als personen, is het alsof we "het
bruiloftsfeest van de kunstenares met het opperhoofd van de Papoea's" zijn beland.

Martijn Grootendorst en Jan-Wieger van den Berg
Het kunstenaars-duo speelt voor u een Konings-indische verdediging! En wel op een
reisschaakspel uit de collectie van het museum. Hierbij komen heel veel dimensies
samen, gaande van de reis door de objecten gemaakt om in de collectie van het
museum te belanden, langs een even merkwaardige als veelzijdige wijze van expose-
ren, tot aan de strijd in een (ernstig, intelligent) spel, tussen de antropologische
objecten en de kunstenaars. En tenslotte, maar daarom misschien niet in de laatste
plaats, gaat het hier om een kunstenaars-duo dat zijn partij speelt.
Daan Van Speybroeck
Studium Generale